De Universiteit Utrecht en het UMC Utrecht deden gezamenlijk 13.226 dierproeven. Dit is een lichte stijging ten opzichte van vorig jaar (642 meer dan in 2024). De Universiteit Utrecht deed 6.481 dierproeven. Er werden 2.419 dierproeven uitgevoerd door de faculteit Diergeneeskunde. Dat is 603 minder dan in 2024. De faculteit Bètawetenschappen (waaronder de departementen Farmacie en Biologie) deed 4.062 dierproeven. Dit is 1.463 meer dan in 2024. Dit is vooral het gevolg van het feit dat er 2.005 meer zebravissen zijn gebruikt.
Bij het UMC Utrecht werden 6.745 dierproeven uitgevoerd. Dat is 218 dierproeven minder dan in 2024. Deze afname kan vooral worden toegeschreven aan een afname in het gebruik van ratten (356 minder dan in 2024).